‘Doe het licht aan in je hart’

Verslag Zomercollege ‘Het licht uit het Oosten’, 26 augustus 2020

De waarheid ligt in ieder van ons, maar we kunnen die er niet uit halen door te denken’. Met dit zen-motto van de Japans-Amerikaanse muzikant en schrijver Philip Toshio Sudo, zet spiritueel filosofe Hilde Debacker ons, bezoekers van een zomercollege bij de Academie voor Geesteswetenschappen al direct aan het denken. Of juist niet? Deze avond over inspiratie voor een hedendaagse spirituele levenskunst gaat eerder om inzicht te krijgen in meditatie.

Bij Debacker gaat het om het hart, wijsheid en compassie. Door haar woorden en presentatie van dit college kan je niet niet-luisteren, zo direct word je geraakt. Al jong vindt de filosofe inspiratie door ‘het licht uit het Oosten’. Ze leest boeken als The Path of Insight Meditation en Liefdevolle vriendelijkheid. Hierover verhaalt zij gloedvol en laat ons ook meditatie zelf ervaren.

Liefdevolle vriendelijkheid
Debacker vertelt over twee hoofdvormen van boeddhistische meditatie: kalmte-meditatie en inzichtsmeditatie, waarbij de eerste gericht is op rust, en de tweede meer op open, onderzoekend gewaarzijn. De meditaties, beschreven in Liefdevolle vriendelijkheid zijn manieren om ‘het licht aan te doen in je hart’. De auteur Sharon Salzberg zegt hierover dat “zodra we in contact komen met ons vermogen tot liefhebben en geluk – het goede – dan is het licht aangegaan. De beoefening van de vier brahma-vihara’s (‘goddelijke verblijven’) is een manier om het licht aan te doen en het dan ook aan te houden. Het is een proces van diepe spirituele transformatie.”

Samadhi of het temmen van de geest

‘Wat me raakte was het inzicht van de Boeddha dat wijsheid pas kan ontstaan als we onze geest temmen of onder controle krijgen. In het boeddhisme wordt een ongetrainde geest vergeleken met een aapje dat van boom naar boom slingert. Onze geest wordt van nature heen en weer geslingerd door alle gedachten die spontaan opkomen. Én daarbij hebben we de neiging om veel van die gedachten te gebruiken als begin van een hele gedachtentrein. We blijven eraan vasthaken, en ontwikkelen die gedachten tot hele verhalen. Verhalen over onszelf, ons leven, de samenleving, de toekomst, enz. Als je wijs wil worden – en dat wou ik wel! – is het eerst en vooral belangrijk dat je leert te werken met je geest. Dat jij een geest hebt in plaats van dat hij jou heeft…”

~ Hilde Debacker

Het mooie van deze meditatie is volgens Debacker dat je niet alleen met jezelf bezig bent, zoals de kritiek wel eens luidt over mensen die mediteren. Je begint wel bij jezelf, maar breidt dit al gauw uit naar de ander. Boeddha zegt het belangrijk te vinden dat je wel eerst bij jezelf begint: ‘Moge ik me veilig voelen’, ‘Moge ik me innerlijk gelukkig voelen’, ‘Moge ik me gezond voelen’ en ‘Moge ik in vrede leven’. Daarna richt je je op de ander: op een vriend, op een ‘neutraal iemand’, op een ‘vijand’ en tot slot op alle levende wezens. Deze mediatie voelt goed. De filosofe vertelt dat deze mediatie je blij, gelukkig maakt.

‘Opgevangen door de werkelijkheid’
Debacker laat ons dit college ook kennismaken met het taoïsme en de Tao, waarvan ‘hartsdeugd’, genaamd ‘leegte’, zegt: ‘In kennis vermeerderen we. In Tao verminderen we. Om leeg te zijn kunnen we vol zijn en toch blijven we leeg om vol te zijn. Overvloed ligt binnen in leegte’. Niet-weten is de hoogste wijsheid.

‘Het vasten van het hart’

Concentreer al je aandacht. Luister niet met je oren, maar luister met je hart. Luister niet meer met je hart, maar luister met je qi. Wat hoorbaar is houdt op bij de oren, terwijl het hart nog ontvankelijk is voor symbolen. Maar de qi is leeg, slechts de dingen geven het gestalte. Voorwaar! In die leegte wordt de Tao vergaard. Leeg zijn, dat is het vasten van het hart.’

~Zhuangzi, Chinese dichter en taoïstisch filosoof

Tot slot komt de Indiase of Vedische filosofie aan bod: de Advaita Vedanta. Debacker vertelt over een van de grootste verlichte personen van de twintigste eeuw: Ramana Maharshi (1879-1950). Hij schreef verdiepende teksten als: ‘Als je dieper doordringt, verlies je jezelf als het ware in een soort afgrond; dan word je opgevangen door de Werkelijkheid, het Zelf dat permanent je ondergrond is. Het is een onophoudelijk flitsen van ‘Ik’-besef; je kunt het gewaar zijn, het als het ware voelen, horen of bespeuren – dit noem ik het ‘vonken-spatten van het Ik.’

Het kennen van het Zelf

Wat heb je eraan om kennis te hebben over allerlei zaken als je niet het Zelf kent? Wat valt ervoor iemand die het Zelf kent overigens nog te kennen? Als je in jezelf het Zelf verwezenlijkt, dat het Enige uit zichzelf lichtende Ene is in de ontelbare zelven, wordt je van binnenuit door het Licht van het Zelf doorstraald. Dit is het werkelijke ontvouwen van genade, het einde van het ‘ik’. Dit is de bron van de diepste Gelukzaligheid.

~ Ramana Maharshi

Doe het licht aan in je hart
Een boeiend college – waarover eigenlijk nog veel meer over te vertellen is – dat veel te denken geeft, of beter gezegd: te mediteren. Op een van de slotteksten van het college bijvoorbeeld, over de kennis van de ziel, uit de Vedische filosofie: ‘Wanneer je dus diep in jezelf afdaalt met de vraag ‘Wie ben ik?’, of ‘Waar bevindt zich dit ik?’, dan verdwijnen de gedachten. Dan openbaart het Kennen van het Zelf zich stralend in de holte van het Hart, als ‘Ik, Ik’. Dit is de enige hemel. Dit is stilte – de verblijfplaats van Gelukzaligheid.’

Als je na zo’n bezielend college nog niet tot de gedachte komt na te denken – te mediteren! – over je ‘Ik’, over je ‘Zelf’, dan laat je echt iets liggen. Doe het licht aan in je hart!

Paul Delfgaauw