Crisis als kans – Voor de maatschappij

Deel 3 van een drieluik door Claudia Füss

Sommige mensen zien een crisis als een kans om meer naar binnen te keren en zelfinzicht op te doen, zoals in Crisis als kans deel 1. Of om beter naar elkaar te leren luisteren, elkaar echt te zien, zoals in deel 2. In het slot van dit drieluikstaan we stil bij de kansen voor onze maatschappij.

Psychiater Carl Gustav Jung deelde zijn visioenen, dromen en spirituele ervaringen via zijn boek Herinneringen, Dromen, Gedachten pas ná zijn dood. Wat hield hem tegen om zijn worstelingen en persoonlijke ervaringen met God eerder te laten zien? En wat kunnen we hier als mens en maatschappij van leren? Uitspraken van Jim van Os, Albert Einstein en Jezus Christus geven ons richting.

Angst om jezelf te laten zien

Jung zegt eind jaren ’50 in genoemde autobiografie over zijn persoonlijke herinneringen en zijn directe ervaring van God: “Ik heb dit materiaal mijn leven lang beschermd, en het nooit aan de openbaarheid willen prijsgeven (…) Ik heb genoeg geleden door het onbegrip, en door het isolement waarin men komt als men over dingen spreekt die de mensen niet begrijpen.” Dat greep mij aan. Want hier is een briljante geest aan het woord. Eén van de grootste ontrafelaars van onze psyche, die ervoor terugdeinst om zijn eigen zielenroerselen te delen.

“In de middeleeuwen zouden ze me hebben verbrand!” roept Jung uit. Zou dat iets van de vorige eeuw zijn, die angst om jezelf te laten zien? Zijn we die als maatschappij inmiddels ontstegen? Volgens mij zitten we er nog middenin. Toen ik als hardcore evidence based minded dubbel afgestudeerd WO-er zelf bijzondere dromen en spirituele ervaringen kreeg, wist ik ook niet wat ik ermee aan moest. Niets vertellen, net als Carl Gustav Jung. Dat was voor mij duidelijk. Want mijn hele omgeving was even rationeel ingesteld als ik. Familie, vrienden, werkomgeving. Ik durfde het niet aan.

Waar kan ik terecht?

De beelden die ik zag waren intens en ik voelde me onrustig, maar verre van gestoord. Toch was ik ervan overtuigd dat ik bij een psycholoog het stempel ‘stoornis’ zou hebben gekregen. Al was het maar om voor vergoeding in aanmerking te komen door zorgverzekeraars. Van arts en psychiaters zou ik medicatie krijgen om mijn ‘wanen’ te beteugelen of om – net als circa een miljoen Nederlanders – mijn emoties te dempen via antidepressiva. Deze benadering strookte helemaal niet met mijn gevoel dat ik aan een verdiepende reis was begonnen.

Binnen de kerk delen dan? Daar zijn bijzondere ervaringen doorgaans geen onderwerp van gesprek en als ze dat wel zijn, worden ze vaak bestempeld als hemels óf duivels. Ik voelde me niet hemels, hoe mooi en diep religieus sommige ervaringen ook waren. Duivels waren ze zeker niet, maar stel je voor dat anderen dat wel zo zouden zien?! “In de middeleeuwen zouden ze me hebben verbrand!” Ik heb het ook vaak gedacht.

Mijn hoop was gevestigd op het onderwijs. Ik begon aan een opleiding Psychologie om de geheimen van mijn ziel te leren ontrafelen, maar kreeg duizenden pagina’s medische basiskennis en statistieken voorgeschoteld. Dan maar een opleiding Theologie. Helaas, duizenden pagina’s bijbelgeschiedenis en dogmatiek. Feitenkennis en niet het pad naar ontdekking van mijn levensgeheim waar ik zo naar verlangde. Gelukkig vond ik waar ik naar zocht aan de Academie voor Geesteswetenschappen (toen HGU) en in symbolische psychologie, meditatie en gebed.

De rol van ratio en intuïtie

Eerlijk is eerlijk, als we met een rationele blik naar dromen, visioenen, helderziendheid, bijna-dood-ervaringen, deelpersonen en stemmen kijken, dan lijken ze absurd en onbegrijpelijk. Maar als we onze ‘stoornisbril’ afzetten en de betekenis ervan laten landen in onszelf, dan blijken deze ervaringen heel waardevol. Ik begon ze te herkennen als uitingen van mijn onbewuste, van mijn diepere lagen. Ze wezen me de weg naar mijn zelf. Naar dat stukje van mij dat vrij is van complexen en trauma’s. Dat wat onderdeel is van én voortkomt uit ‘iets hogers’. Al ploeterend kwam ik uit mijn dal.

Maar waarom vond ik geen aansluiting binnen de gezondheidszorg, kerk en regulier onderwijs? Albert Einstein (1879 – 1955) gaf mij hierop het antwoord. We worstelen als mensheid met de overwaardering van onze ratio: “De intuïtieve geest is een godsgeschenk en het rationele verstand een dienaar. We hebben een maatschappij geschapen die de dienaar vereert en het geschenk is vergeten.” Met andere woorden: ons denken heerst over onze intuïtieve vermogens.

Ons schoolsysteem neemt de ratio als leidraad en toetssteen. Lessen zijn gericht op feitenkennis en stimuleren vaak heel eenzijdig onze linkerhersenhelft. We ontwikkelen onze intuïtie, de verbinding met ons zuiverste stukje zelf en de link met ‘het hogere’ niet meer. Met als gevolg behandelwijzen die het geheel van het menselijk wezen niet meer zien en kerkleiders die het overdragen van symbolisch bewustzijn zijn verleerd.

De hele mens in beeld

Maar langzaam komt de ‘hele’ mens meer in beeld. Bijvoorbeeld toen onze premier na negen maanden vanbeperkende maatregelen in het kader van de lock down 22 seconden (!) lang sprak over het belang van een gezonde leefstijl ter voorkoming van corona. Of duidelijker, toen hoogleraar Psychiatrische epidemiologie Jim van Os tijdens het congres Medicijnvrije behandeloptie bij psychose op 6 november jl. aandacht vroeg voor ‘de waarheid achter de waan’.

Aanwezige ervaringsdeskundigen deelden: “Je vertelt je psychiater niet alles uit angst voor een hogere dosis medicatie.” En: “Ik had geen keus om te stoppen met medicatie.” We bekeken de Noorse aanpak, waar sinds 2017 een medicijnvrije behandeloptie bestaat bij psychoses, vergezeld van psychotherapie, yoga, familietherapie, muziektherapie, beweging, peergroups en/of aandacht voor voeding.

Conclusie van het congres was dat een cultuuromslag nodig is in de Nederlandse gezondheidszorg. De mens en zijn vraag moet weer centraal komen te staan in plaats van medicatie en een stereotype behandeling. Gesprekken zouden weer moeten gaan over betekenis zoeken. Met onvoorwaardelijk luisteren, een gelijkwaardige relatie tussen de gesprekspartners en bescheidenheid en ontvankelijkheid als uitgangspunt. Ik zie Jung en Einstein in gedachten instemmend knikken. 

Maatschappelijke paradigmashift

Deze maatschappelijke paradigmashift heeft tijd nodig. We kunnen gras niet helpen groeien door eraan te trekken. Maar wat je wel kan doen is gras liefde, licht en goede voedingsstoffen geven. Te beginnen bij jezelf. Accepteer jezelf, hou van jezelf, voed jezelf. En hang als stip op de horizon deze woorden van Jezus – ons ontwikkelingspad in een notendop – boven je bed:

“Laat hij die zoekt niet ophouden met zoeken, totdat hij vindt en als hij vindt zal hij verontrust worden en als hij verontrust is zal hij zich verwonderen en hij zal over het Al heersen.” Evangelie van Thomas, logion 2.

Omarm je verontrust zijn (Grieks ekplèxis) als je ziel ontwaakt; dat je heel anders tegen dingen gaat aankijken, zoals Paulus toen hij het licht zag. Omarm dat je oude ‘ik’ zal sterven (deel 1). Omarm het verlies van werk, een relatie of persoon die veel voor jou heeft betekend (de magische gitaar ontploft, deel 2). Stap in de leegte en de eenzaamheid. Sta even stil en verwonder je: wie ben ik zonder deze voedende bron? Voel de unieke verlangens die in jouw hart klinken, ervaar ‘het Andere’ dat jou overstijgt. Ontdek de ruimte, het ambivalente.

De vrijheid om jouw perspectief te kiezen zal je innerlijke rust brengen. In de stilte vind je verbinding en liefde. Deze zijnstoestand is het ‘Al’. Opgestaan uit de figuurlijke dood van onwetendheid kun je anderen vervolgens net zo liefhebben als jezelf. En net als de trollen uit Deel 2 samen mooie ‘muziek’ maken.

Uitleiding

Jung beschrijft in zijn autobiografie hoe zelfverloochening, trots en angst zijn vaders dood inluidden. Hoe onuitgesproken religieuze twijfels en overtuigingen letterlijk aan hem vraten. Ongetwijfeld voedde dit Jungs’ uitgangspunt dat de religieuze houding van een mens een beslissende rol speelt bij de genezing van psychisch lijden. Wat mij betreft ligt daar, in het onderzoeken van de verbinding -Latijn: ‘religare’- met jezelf, de ander en het Andere, de sleutel tot zinvinding, betekenisvol samenleven én maatschappijvernieuwing. Grijp een crisis aan als kans. Vind je levensvisie en je levensroeping. Dat blijkt keer op keer het beste kompas voor een duurzame en heilzame verandering.

Mr. drs. Claudia Füss is psychosociaal therapeut, geestelijk begeleider, verandermanager en leiderschapscoach in haar praktijk voor levensvragen.

Leave a Comment