Afraid of God? Niet kiezen is ook een keuze

Zo nu en dan wordt de kunstwereld opge­schrikt, omdat er een schilderij in een museum is beschadigd. In 2010 verloor een vrouw in het Metro Politan Museum of Art in New York haar evenwicht en beschadigde ongewild ‘The Actor’ van Pablo Picasso: een behoorlijke scheur. De journaalbeelden gingen de wereld over. Maar in de 1986 stond de kunstwereld pas echt op z’n kop toen een man in een vlaag van waanzin met een stanleymes een beroemd schilderij bewerkte van Barnett Newman: ‘Who is afraid of red, yellow and blue?’ Zoals u op de afbeelding ziet is het geen landschap of een portret van een be­roemd persoon. In feite gaat het om drie gekleurde vlakken.

Ontdekken

Een groot rood vlak. Tja, wat is kunst, denken veel mensen dan. Ik weet dat ook niet precies, maar je hoeft geen kenner te zijn om ergens een mening over te hebben. Ik vind het feit dat zo’n schilderij wordt ver­nield op zich al jammer; dat zou niet mogen gebeuren. Immers, voor vele bezoekers is het iets waardevols. De reparatie van het schilderij kostte maar liefst 1 miljoen gul­den. Veel mensen denken dan: dat geld hadden ze beter aan mij kunnen geven of aan een goed doel kunnen besteden. In Libanon bijvoorbeeld kunnen we met zo’n bedrag veel goeds doen voor de slachtoffers van de oorlog in Syrië. Of wat dacht u van de slachtoffers van orkaan Irma, die vorige maand over Sint Maarten raasde?

Maar, met zo’n redenering doen we Newman natuurlijk te kort. Het schilderij is gemaakt om ons iets te vertellen. Newman heeft er een bedoeling mee. De drie gekleurde vlak­ken roepen, juist door hun eenvoud, vragen op. Ze dagen je als het ware uit om er zélf iets in te ontdekken. Misschien wil hij uit­eindelijk dat wij door echt te kijken onze ei­gen gedachten opnieuw bepalen. Dan gaat zo’n schilderij opeens over jezelf; over je eigen manier van denken en leven. Zo ging dat in ieder geval bij mij ……..

Who is afraid…….?

Over ‘echt kijken’ gesproken: een goed waarnemer ziet natuurlijk dat mijn beschrijving niet past bij de afbeelding hierboven. Deze lijkt namelijk alleen maar op het schilderij van Newman. In feite is dit een poster die, in de negentiger jaren, is uitgegeven door de katholieke kerk. Om precies te zijn: door het aartsbisdom Utrecht. Het onderschrift bij de poster is dan ook niet ‘Who is afraid of red, yellow and blue?’, maar ‘Who is afraid of God?’

Tja, we zijn allemaal wel eens bang. Maar we zijn ook wel eens terughoudend in het serieus in onszelf toelaten van de vraag naar God: ‘Is er een God’? ‘Wie is Hij dan? Wat be­tekent God voor mijn leven? Kan ik mijzelf en de wereld wel op een logische ma­nier verklaren, zonder daarbij een God te vermoeden als de oorsprong van mijzelf? De realiteit leert dat veel men­sen liever weglopen voor deze vragen. We zeggen dan: Daar kan ik me niet druk om maken. Of: Ik kom God nergens tegen, we zien dat ‘later’ wel. Of: Er is zoveel ellende en narigheid op de wereld, dan kan God niet bestaan. Denk maar eens aan alle wreedheden de afgelopen jaren in Syrië en Irak en de troosteloze beelden op de TV van de eindeloze rijen gebroken men­sen, op de vlucht voor de oorlog. Het is waar: onze mensenge­schiedenis lijkt steeds gewelddadiger. Waar is God dan?

Krassen

En dichterbij dan, in ons eigen leven? We ervaren natuurlijk wel eens pieken en dalen, maar door de bank genomen hebben wij het in West-Europa niet zo slecht. Het leven gaat zo z’n gangetje. Het lijkt wel een beetje op dat grote, middelste vlak op de poster! Het leven begint ergens en eindigt ergens, dat weten we wel, maar voor ons heeft het meestal wel een aardige kleur. Het is best wel plezierig: huisje, boompje, beestje en zo.

Maar, soms zijn er opeens van die vervelende ‘krassen’ in ons leven: een ongevalletje met m’n auto en een behoorlijke schade, een beetje ruzie met m’n vriendin, problemen met collega’s en daar ‘s avonds veel over piekeren, of we merken dat we deze maand financieel toch een beetje krap zitten. Soms is de kras door ons mooi-gekleurde leventje heel wat ingrijpender: ‘Wat ver­schrikkelijk, ik heb net gehoord dat m’n moeder kanker heeft’. ‘Ik besef de laatste tijd steeds nadrukkelijker dat ik toch een dagje ouder word….. Daar gaan m’n plannen voor na m’n pensioen’. Tja, het leven doet zichzelf en is lang niet altijd maakbaar.

Maar daarmee nodigt het leven ons uit om vra­gen te stellen die vroeger niet in me opkwa­men. Wat is de bedoeling en de zin van mijn leven? Wat gebeurt er met mij als ik (net zoals m’n moeder nu) sterf? Waarom eigenlijk geluk in mijn leven en dan weer verdriet? Wat is de betekenis van lijden?

Wellicht is een nog indringender vraag die we ons kunnen beseffen: wie is die mens die ik ben? Ben ik alleen maar een verzameling materie (botten en vlees), die een poosje rondwandelt op deze planeet? Is mijn Ikkie een spon­taan verschijnsel in een onmetelijk groot, koud en onverschillig heelal? Een soort toevallig product van de evolutie?

De manier waarop we denken, voelen en handelen impliceert ons geleefde antwoord op deze diepere levensvragen. Is het niet veel aannemelijker dat er vooraf aan dat grote gekleurde vlak nog een andere dimensie is – een andere kleur, om zo te zeggen – trou­wens daarna ook. Staat ons korte verblijf op aarde niet in het teken van de eeuwigheid? Is het niet mooi en helpend om zó te leven; dat ons bestaan bedoeld en ge­wild is en ons leven zinvol? Konden we daar maar wat vaker mee bezig zijn.

Who is afraid of God?

Die poster ‘Who is afraid of God?’ hangt tegenwoordig aan een muur van mijn werkkamer. Soms is het de aanleiding tot een gesprek wanneer mensen mij bezoeken. Dat gebeurde laatst. Een cliënt zei: ‘Mijn bewustzijn, mijn Ik, en mijn geest is niet van materie gemaakt en is veel gro­ter en ruimer dan het aardse, dan het hier en nu van iedere dag. Ik ben méér dan dat grote gekleurde vlak’. Alle mensen uit alle culturen van alle tijden kwamen bij het antwoord op de vraag ‘Wie ben ik?’ uit­eindelijk uit bij die ándere vlakjes met een totaal andere kleur; een andere dimensie. Er moet wel iets vooraf geweest zijn, voordat ik geboren werd; er moet wel iets anders komen na dit leven.

Wie ben ik eigenlijk ten diepste? Als we op een open manier stilstaan bij levensvragen op m’n le­vensweg prikkelen ze mij tot het geven van antwoorden. Misschien zijn we daarom wel op aarde; om antwoorden te vinden op deze vragen en om van daaruit te leven. Laten we er niet voor weglopen, omdat we bang zijn voor de antwoorden. Trouwens: Je kiest toch, want niet kiezen is ook een keuze.


Peter Kortekaas heeft een Praktijk voor therapeutisch geestelijke begeleiding, verzorgt geaccrediteerde nascholingen voor therapeuten en geestelijk verzorgers en is docent aan de Academie voor Geesteswetenschappen.

Een reactie plaatsen